De eerste Morris avonturen

 

 

Voor wie graag leest hebben we hier voor de aardigheid het luchtige verslag opgenomen van onze eerste tijd met de rooie Morris. Het stuk is in april 2004 geschreven voor het blad van de Nederlandse Morris Minor club. Trekt u zich er dus niets van aan als u af en toe namen tegen komt die u niets zeggen of als de toonzetting iets anders is dan u van ons gewend bent. Veel leesplezier gewenst... en eh o ja: inmiddels is onze Poolse vriend redelijk gezond hoor...

 

Eerst maar even door het achterruitje kijken hoe het allemaal zo gekomen is. In 2002 was ondergetekende na 17 werkzame jaren in de IT-branche, waarvan 10 jaar als zelfstandige ondernemer, op een punt aangeland dat zijn beroep niet meer écht z’n hobby was zodat het tijd werd om het toetsenbord aan de wilgen te hangen en van de hobby weer het beroep te maken. Na enige tijd vrijaf genomen te hebben om eerst de eigen boerderij van een compleet nieuw dak te voorzien kon dan ook een aanvang genomen worden met het starten van een kleinschalig, ouderwets degelijk onderhoudsbedrijfje. Uiteraard hoort daar een passend automobiel bij en gezien het feit dat wij al net zo lang een Riley hebben als ons rijbewijs was de keuze voor iets Engels dan ook al snel gemaakt. Je hoeft dan vervolgens natuurlijk niet lang na te denken om ook de vrolijke Morris Minor op de lijst van potentiële kandidaten te zetten en dus staken we ook daarvoor ons licht op. Bij de Engelse clubs vonden we uit dat er meer dan 250.000 ‘commercials’ gemaakt waren zodat het geen probleem leek om een Pick-up of een Van te vinden. Om echter een gezond exemplaar te ontdekken bleek al snel niet zo eenvoudig als we in eerste instantie dachten aangezien er weliswaar nog veel Minors rondsturen doch de commercials inmiddels veelal afgeschreven bleken te zijn om een nieuw leven te beginnen als koelkastdeur of magnetronschaal. Wel leerden we van zo ongeveer iedereen die we spraken dat deze automobielen niet alleen een hoge aaibaarheidsfactor hadden maar ook nog eens als zeer betrouwbaar te boek stonden zodat dit een prima keuze zou zijn voor een stijlvol dagelijks vervoer. De keuze was dus gemaakt: het moest een latere Morris Minor van het type Van of Pick-up worden in (zeer) goede staat zodat het zoeken met het bekende lampje begon.

 

Na enige tijd te hebben rondgedwaald en ondertussen uiteraard lid geworden te zijn van de Morris Minor Club Nederland zagen wij op de website van familie de Jong te Boskoop een Van van een broodjeszaak en nog veel meer aangeboden zodat een afspraak gemaakt werd om ook aldaar eens een lichtje op te steken. Dat we daar aangekomen zeer hartelijk werden ontvangen en uitgebreid werden geïnformeerd over alles wat we weten wilden hoeven we waarschijnlijk niet uit te leggen. Tijd dus om een blik te werpen in de geadverteerde broodtrommel. Deze wekte echter al snel de indruk voor ons gebruik niet vers genoeg meer te zijn zodat we besloten nog even verder te kijken. Een stukje verder stond zowaar nog een Van; nog niet zo lang geleden in Polen gerestaureerd en gespoten in een laten we zeggen "onmiskenbaar rode kleur". Ja, het idee was natuurlijk wel dat het autootje best wat op mocht vallen; het was tenslotte ook bedoeld als een stukje reclame maar zó rood hadden we nu ook weer niet direct in gedachten.... maar ja, aan de andere kant als je dan toch wat reclame wilt maken... Enfin, u begrijpt het al; de deuren van de kazerne werden geopend en de brandweer kon uitrukken voor de eerste oefening. Er werd gepast, gekeken, gebabbeld, koffie gedronken, gefantaseerd, nog meer gekeken, een proefritje gemaakt en afgesproken dat deze Pool voortaan bij ons zou komen wonen en werken. Voor het echter zover zou komen moest er eerst nog even langs gegaan worden bij de immigratiedienst aangezien deze Pool nog niet over een geldig sofi-nummer beschikte en dus nog niet de weg op mocht. Deze exercitie werd volledig door Ed & Hette verzorgd evenals het herstellen van de afgesproken kleine puntjes die we tijdens het bekijken van dit karretje tegen waren gekomen. En aldus geschiedde zodat we een paar weekjes later het bericht ontvingen dat ons nieuwe Poolse vriendje zonder problemen was geaccepteerd door de immigratiedienst en dus gereed was voor de verhuizing. 

 

In Boskoop aangekomen bleek dat hij zowaar ook nog een koffertje vol lekkers voor de eerste kilometers had meegekregen van zijn tijdelijke pleegouders te Boskoop zodat ons nieuwe gezinslid vrolijk gemutst richting Groot-Ammers kon worden begeleid. Tijdens de overdracht van het paspoort en aanverwante artikelen bleek dat ergens in de lange reis van het oosterse Polen naar het Nederlandse westen de sleuteltjes waren zoekgeraakt zodat er uiteindelijk alleen één passend sleuteltje aanwezig bleek te zijn voor het contactslot. Dit gezegd hebbende realiseren we ons dat er vooral auto’s vanuit het westen náár Polen schijnen te worden gebracht in plaats van andersom dus wellicht hoef je in Polen je auto wel niet op slot te zetten? Hoe het ook moge wezen, wij hadden dus een eerste puntje om op ons gemak uit te zoeken zodra we thuis zouden zijn.

 

Na onze vriend eerst even volgegoten te hebben met de superdrank van de welbekende Shell destilleerderijen (het was tenslotte feest nietwaar) werd niet minder vrolijk gemutst de tocht naar huis ingezet. Hoewel wij dachten dat Polen stevige drinkers waren en ons bezoek aan het Shell café dan ook geen kwaad zou kunnen, leek het onderweg dat onze Pool lid geweest moest zijn van het geheelonthoudersgilde aangezien hij toch minder vast op z’n benen bleek te staan dan we hadden gehoopt. Zolang we maar in beweging bleven ging alles goed maar zodra we het gas even loslieten had meneer de vervelende neiging om direct de linkerbaan op te willen schieten om als het even zou kunnen z’n roes uit te slapen in de aangrenzende berm. Met wat voorzichtige correcties kwamen we echter zonder noemenswaardige problemen thuis aan waar onze Pool op z’n gemak kon wennen aan z’n nieuwe behuizing terwijl wij ondertussen plannen maakten voor de reclame van onze nog ongeletterde nieuwe vriend. Na een nachtje te hebben geslapen werd de volgende dag uiteraard eens nader kennis gemaakt waarbij het gesprek ook op de links gestuurde afwijking kwam die we de dag daarvoor hadden gezien. Nader onderzoek leerde echter dat dit geenszins werd veroorzaakte door de spiritualiën van heer Shell, doch door het feit dat de achteras aan de rechterzijde van de auto zo los zat dat deze zonder al te veel moeite een centimeter of 3 naar voor en naar achter kon worden bewogen. Ook bleken tijdens deze kijkoperatie de rubbers in de veerogen te ontbreken en bleek één van de achter schokdempers liever fietspomp te willen zijn terwijl de ander volledig vastbesloten was om geen millimeter meer te wijken met als gevolg dat de ophanging daarvan al behoorlijk was uitgeslagen. Dat de heren van de immigratiedienst deze gebreken niet hadden ontdekt tijdens de medische keuring verbaasde ons dan ook zéér maar aangezien we niet gecharmeerd zijn van een medewerker die continue dronken lijkt te zijn werd zonder omhaal besloten de operatiekoffer ter hand te nemen en de nodige implantaten aan te schaffen om onze vriend weer wat standvastiger te maken. Samen met de implantaten werden ook diverse andere reservedelen geïmporteerd uit het land der links gestuurden zodat wij de inburgeringscursus van onze nieuwe medelander vol vertrouwen tegemoet zagen. Al snel was gebleken dat er van het contactslot geen reservesleutels leverbaar waren zodat een compleet nieuw contactslot mocht worden geplaatst en dat ook de deurkruk op de achterdeur niet origineel was zodat ook daarvoor de enig werkbare oplossing was om deze compleet te vervangen als we hem tenminste af wilden kunnen sluiten.

 

 

Omdat de telescopische achterdempers zo zijn bevestigd dat als deze eenmaal zijn vastgeroest deze zelfs met een slijpschijf maar zeer moeizaam zijn te verwijderen, duurde de eerste operatie weliswaar iets langer dan gepland maar uiteindelijk kwam onze Pool een stuk standvastiger uit de operatiezaal dan hij er in was gegaan. Tijd dus om hem te laten wennen aan zijn nieuwe woon en verblijfplaats en een rondje rond de kerk te doen. Zichtbaar genietend gingen de koplampjes de bocht om en werd het Hollands landschap door Poolse oogjes bekeken. Bij thuiskomst echter kregen we sterk de indruk dat onze Pool onderweg stiekem ergens een café ingedoken moest zijn toen we even niet opletten want hij bleek bij thuiskomst vreselijk naar drank te stinken. Zoals gezegd houden we niet van dronken medewerkers zodat dit euvel direct aan de kaak werd gesteld. Toen de Poolse muil werd geopend bleek ons drankorgel-vermoeden niet geheel juist maar bleek dat het ingebouwde infuus, ook wel "brandstofpomp" genoemd, iets te enthousiast pompte en alles van vocht voorzag dat maar enigszins in de buurt kwam. U kent het wel; een volledig verdroogd en derhalve gescheurd membraan. Gelukkig hadden wij een nieuwe reservepomp liggen voor onze Riley die van exact hetzelfde type bleek te zijn zodat een tweede operatie werd uitgevoerd om de drankwalm van onze vriend te verminderen. Dat dit scheelde zal duidelijk zijn maar om nu te zeggen dat hij direct naar pepermuntjes rook... Nog maar eens gekeken dus waarbij bleek dat ook de carburateur zo lek als het welbekende mandje was zodat ook via die weg de nodige spiritualiën werden gemorst. "Gelukkig" kwam dankzij de ingenieuze constructie een gedeelte van het gemorste vocht direct op het uitlaatspruitstuk terecht zodat het toch tenminste snel kon verdampen... ("Drank maakt meer kapot dan je lief is"?) Desalniettemin naar onze mening drankmisbruik in optima forma zodat opnieuw de operatietrommel uit de kast gehaald werd om te kijken wat we daar aan konden doen. De vlotternaald en zitting bleken van een Oost-Europese ingenieusiteit te zijn die zijn weerga en ook zijn werking niet kende zodat ook die werd ingeruild voor een origineel Engels exemplaar hetgeen overigens ook gold voor de "home made" pakkingen. Na ook dit drankprobleem opgelost te hebben zal het duidelijk zijn dat we toch wel graag een oogje in het zeil wilden houden met betrekking tot het drankgebruik van deze medewerker doch ook het daarvoor door de heer Morris bedoelde metertje bleek geenszins geinteresseerd om van zijn plaats te komen dan wel om iets aan te geven. Een los draadje wellicht want het electrisch systeem zo hadden we reeds in het vooronder geconstateerd zou een prima trainingsvoorbeeld zijn voor een LOI-cursus "creatief stroomdraadkantklossen voor gevorderden".

 

 

De spanningzoeker werd van stal gehaald en op diverse plaatsen aangesloten waarbij de weg al snel naar de benzinetank leidde. Aldaar aangekomen bleek dat men er zich in Polen niet zomaar even met een Jantje van Leiden c.q. een Wimpie uit Warschau  vanaf had gemaakt om deze automobiel onderhanden te nemen. Gevolg daarvan was dan ook dat wij allereerst maar liefst bijna 8 meter overtollige bedrading mochten verwijderen dewelke uiteraard volledig was uitgevoerd in keurig mediterraan blauw waarbij de vele losse stukken middels bijpassende azuurblauwe plakbandjes aan elkaar waren geknoopt om zo op sommige punten tot een interessant breiwerkje te versmelten. De zender van de benzinetank bleek reeds geruime tijd het hoofd en daarmee de vlotter te hebben laten zakken en was inmiddels zo gedeprimeerd geraakt van zijn donker bestaan dat wij deze niet meer op konden beuren en dus door een fris exemplaar moesten vervangen. Toen ook dit gedaan was bleek het metertje van eerder genoemde heer Morris het toch weer wel wat spannender te gaan vinden en eens nieuwsgierig uit de hoek te komen. Tijdens het afleggen van de voor een leegrakende tank benodigde kilometertjes bleek echter dat dit metertje dan wel regelmatig uit de hoek kwam doch over een behoorlijke dosis humor beschikte waardoor deze lang niet altijd serieus genomen mocht worden. Waarin de oorzaak van deze frivoliteit gezocht moest worden was ons nog enigszins een raadsel doch op korte termijn zouden de technische dagen gehouden worden waar ook wij ons voor hadden opgegeven en waarbij ook het elektrisch systeem aan de orde zou komen dus wellicht dat er daar iemand met meer verstand van zaken te vinden zou zijn die onze neus de juiste richting op zou kunnen draaien. Tijdens de ontdekkingstocht door het grote blauwe dradenbos bleek ook waarom noch het controlelampje voor de oliedruk noch het controlelampje voor het verstopte oliefilter werkten. Gezien het feit dat de eerste de beste Italiaan echter jaloers zou worden op zo een prachtige berg blauwe spaghetti besloten we om dat nog maar even te laten voor wat het was en alleen de aansluiting van de oliedruklamp te herstellen.

 

 

Zoals u begrepen zult hebben waren wij nog niet zo lang lid van de Morris club en nieuwe dingen zijn natuurlijk altijd erg spannend omdat je niet weet wie je tegen het lijf zult lopen en hoe het er aan toe gaat. Wij dachten daar zelf toch redelijk mee overweg te kunnen doch voor onze Poolse vriend was een dergelijke confrontatie met soortgenoten blijkbaar iets teveel van het goede. Of hij zich zorgen maakte over zijn nog ietwat gebrekkige Nederlands of dat hij zich wellicht nog schaamde voor z’n drankprobleem was niet helemaal duidelijk maar hij maakte zich zo druk over de naderende bijeenkomst dat hij een week van te voren last kreeg van hartritmestoornissen. Dit verschijnsel deed zich op de meest willekeurige plaatsen voor met als gevolg dat het motortje er spontaan even mee op hield gedurende 1 seconde of zo om vervolgens zijn draai weer te vinden en de arbeid onder luid geknal te hervatten. Hoewel dit gedrag de advertentiewaarde van deze automobiel naar onze mening weliswaar verhoogde, bleken onze medeweggebruikers daar toch iets genuanceerder over te denken. Dit, gecombineerd met het feit dat het rijcomfort door de spontane werkweigering toch enigszins werd aangetast, leidde uiteraard tot de volgende kijkoperatie waarbij de pacemaker (voor de minder medisch geschoolden: "de ontsteking") van onze vriend aan een grondig onderzoek werd onderworpen. Daarbij bleek dat de aansluiting van massadraad op de grondplaat enigszins te wensen over liet zodat de soldeerbout werd warmgemaakt om deze klus voor ons te klaren. Dit gebeurde naar volle tevredenheid zodat de volgende rit kon worden gemaakt om te kijken of het euvel hiermee zou zijn opgelost. Dit bleek gelukkig mede tot tevredenheid van onze buurtgenoten het geval te zijn. Er stond ons dus niets meer in de weg om volgende week onszelf en onze Poolse vriend voor te kunnen stellen aan al die andere lotgenoten tijdens de technische dagen. Naarmate de dagen en de daarmee gepaard gaande kilometers vorderden bleek echter dat onze werknemer toch bescheidener was dan wij hadden ingeschat en hij zich opnieuw tot hartkloppingen toe onrustig zat te maken voor deze naderende bijeenkomst. Een tweede onderzoek van de pacemaker bracht deze keer echter geen ongewenste verschijnselen aan het licht en dit terwijl de klachten onverminderd voortduurden zo niet in frequentie schenen toe te nemen tot een niveau dat er geen kilometer meer gereden kon worden zonder door stilvallende paardenkrachten door elkaar geschud te worden.

 

 

Op de betreffende technische dag moest ons Poolse vriendje dan ook helaas ziek in z’n bedje thuis achter worden gelaten terwijl wij ons met de inmiddels aangeschafte reserve Pick-up richting Baarn verplaatsten, benieuwd naar wat de technische dagen brengen zouden. Aldaar werden wij gastvrij onthaald en niet alleen getrakteerd op koffie doch ook op wel zeer interessante informatie waarbij ondergetekende zoals u niet zal verbazen aanschoof bij de vakkundige en wel zeer boeiende lezing die dokter Vinke verzorgde over het zenuwsysteem. Ook bij het natafelen over de klachten van onze Pool bleken alle kenners toch vrij anoniem de verdenking bij de pacemaker te leggen hetgeen dus aan de ene kant prettig was om te horen doch ons aan de andere kant dus niet veel verder hielp aangezien wij die reeds op de onderzoektafel hadden gehad. Desalniettemin stuurden wij al verder peinzend aan het eind van een bijzonder prettige middag onze bakfiets richting huis om aldaar direct toch nog maar eens een blik in de verdeler te werpen. Hierbij werden geen nieuwe schokkende ontdekkingen gedaan en het feit dat het motortje bij stilstaande auto geen klachten leek te vertonen maakte het stellen van een prettige diagnose er niet makkelijker op. Toen echter met draaiende motor toevallig tegen de bedrading werd gestoten viel de ontsteking weg en daarmee ook het kwartje. Deze laatste werd uiteraard opgeraapt om het trucje te herhalen hetgeen tot de gewenste conclusie leidde; er bleek een draadbreuk te zitten halverwege één van de laagspanningsdraden. De daarvoor benodigde operatie kon uiteraard met behulp van de gewone eerste hulp doos worden uitgevoerd waarbij tot grote vreugde van ondergetekende onze Pool weer zonder tegensputteren zijn werk bleek te willen doen. Wij besloten op dat punt om de ontsteking te vervangen door een elektronische variant die met veel kennis van zaken en op een zeer prettige manier werd verstrekt door Eelke van Teijens. Uiteraard hadden we tijdens de technische middag ook ons licht opgestoken over het hoe en waarom niet van de benzinemeter waarvoor wij direct door René Vinke werden voorzien van het nodige huiswerk. Dit werd uiteraard met grote ijver en vlijt ter hand genomen en na wat heen en weer mailen moest de conclusie zijn dat de dashboardspanningsstabilisator (3x woordwaarde!) inmiddels het loodje gelegd moest hebben. Na het testen van enkele andere exemplaren bleek dit inderdaad het euvel waarmee ook de benzinemeter weer vrolijk doch betrouwbaar zijn werk deed. 

 

 

Dit laatste was daarentegen niet het geval met de snelheidsmeter die weliswaar steevast uit de hoek kwam doch op de provinciale weg, meerijdend met de rest van het verkeer, de snelheid inschatte als zijnde ergens tussen de 30 en de 100 mijl per uur waarbij deze uitersten regelmatig binnen één en dezelfde seconde werden bereikt. Dit zou natuurlijk wellicht iets kunnen zeggen over onze rijstijl doch gezien het feit dat wij tijdens deze ritten geen vriendelijke één-vinger-gebaren mochten ontvangen van medeweggebruikers zochten wij het euvel in de meter zelf. Omdat toch een bezoek gebracht zou worden aan het Boskoopse om wat reserve- en vervangingsdelen aan te schaffen werd aldaar dan ook gekeken of er een andere snelheidsmeter te vinden zou zijn. Dit bleek niet alleen het geval, er bleek ook zowaar nog eens een heuse kilometerteller in de tweedehands bak te bivakkeren die er nog zeer bruikbaar uitzag en nog niet erg ver gekomen was met tellen. Tijdens dit bezoek bleek ook dat de witte snelheidsmeter die wij hadden weliswaar origineel bedacht was doch waarschijnlijk door een Pool en niet door de heer Morris aangezien die alleen zwarte platen scheen te hebben gevoerd. Enfin; het was natuurlijk even wennen aan de nieuwe look maar de heuse kilometerteller was snel gemonteerd waarmee ook het vrolijk kwispelend gedrag van de snelheidsmeternaald tot het verleden behoorde. En lustig zagen wij de cijfertjes draaien naarmate de gereden afstand weer vorderde. Tot het tweede cijfertje van rechts bij negen was aangekomen. Tot het tweede cijfertje van rechts bij negen was aangekomen. Tot het tweede cijfertje van rechts bij negen was aangekomen. Inderdaad; de klok bleef hangen, de tijd stond stil en wij begrepen waarom deze ogenschijnlijk prima meter toch in de bak "tweedehands" was beland. Dat dit verschijnsel in ons geval niet gunstig was voor het berekende  benzineverbruik per kilometer zal duidelijk zijn. Omdat wij echter best begrijpen dat het voor zo'n cijferwieltje, dat niet eens tot tien kan tellen, best moeilijk is om te bepalen wat er na "9" komt demonteerden wij de klok weer en waren wij zo vrij om deze op de precisie-operatietafel te leggen om te kijken of wij met de genoemde twijfelaar wellicht een zinvolle therapie zouden kunnen ondergaan. Tijdens deze operatie bleek echter dat ook hier slechts sprake was van een technische storing omdat er één van de kleine gele plastic palletjes was afgebroken die er voor zorgen dat de cijfertjes hun rondjes draaien. Gelukkig had onze witte Poolse klok een vrijwel identiek binnenwerk en was deze voorzien van een donorcodicil zodat het broodnodige frutselonderdeeltje alras kon worden uitgewisseld. Klok er weer in en gaan met die banaan hetgeen tot op heden naar volle tevredenheid geschied.

 

 

Nou ja, voor wat betreft de klok dan. Tijdens één van de standaard ochtendrituelen van het naar buiten rijden van de bakfiets, het sluiten van de garagedeur (deze wordt normaliter eerst geopend vóór het naar buiten rijden) en het richting werkzaamheden richten van de grille viel het namelijk op dat onze Pool wel erg goedgePluimd aan de dagelijkse arbeid wilde beginnen. Maar het was wat frisjes en wat nevelig buiten zodat wij dachten dat het gewoon wat extra condensvorming zou zijn die uit de uitlaat kwam.  Een paar kilometertjes verder bracht echter het onder de motorkap verstopte brommertje andere geluiden ten gehore dan waar we inmiddels aan gewend waren geraakt en bleek ook dat onze Pool er vandaag toch niet zo hard aan wilde trekken dan we hadden gehoopt. Onder het motto: "rustig aan dan breekt het lijntje niet" tuften wij gezellig over de parallelweg richting huis om aldaar de compressiemeter eens uit zijn doosje te bevrijden en met zijn neus op de feiten (lees bougiegaten) te drukken. Hierbij bleek ons vermoeden weliswaar gegrond doch de koppakking naar z’n grootje. Dit, gecombineerd met het feit dat de versnellingsbak niet alleen veel herrie maakte maar ook standaard uit z’n achteruit en soms ook spontaan uit de tweede versnelling schoot terwijl de koppeling erg "jumpy" was, deed ons besluiten het spaarvarken te slachten en niet verder te tobben maar voor onze Poolse vriend direct een complete harttransplantatie te verzorgen. Er werd contact gelegd met het donor orgaancentrum in Boskoop alwaar men zowaar gelukkig de nodige organen op de plank bleek te hebben liggen en wij dus met modern blik richting Boskoop en omstreken tuften. Volgeladen met de nodige ijzerwaren en goede moed vertrokken wij richting huis om de operatie te ondernemen. Omdat halverwege bleek dat diverse Poolse artsen reeds eerder operaties hadden uitgevoerd waarbij op enigszins barbaarse wijze tapenden en bouten waren getransformeerd naar een compleet andere draadsoort werd in het vuur van de strijd nogmaals richting Boskoop gefietst om ook daarvoor nog de nodige vervangende exemplaren op te halen waarbij wij deze keer als extra niet alleen goede raad doch ook zeker niet minder goede saté kregen voorgeschoteld. Inderdaad; het stokje was ook lekker maar "the show must go on" zodat wij ons wederom richting OK verplaatsten om onze patiënt van de intensive care te kunnen bevrijden. Al het nodige werd overgezet en omgesleuteld waarbij Professor Polski niet alleen op zeer ingenieuze doch enigszins brute wijze de versnellingsbak bleek te hebben omgebouwd van rechts naar links gestuurd doch hierbij ook bleek dat de koppelingsplaten al geruime tijd uit de garantie geweest moesten zijn aangezien het druklager al een poos op het kale ijzer liep en het staal daarvan derhalve ongeveer een derde in dikte was afgenomen. Blij dus dat we ook de complete koppeling maar direct hadden meegenomen uit het Boskoopse! De rest van het inbouwen van de motor + bak verliep voorspoedig waarbij ook de inmiddels wat roestige onderdelen van een nieuw verfje werden voorzien zodat twee dagen later de operatie als geslaagd kon worden aangemerkt toen de eerste proefrit werd gemaakt.

 

Het weekend daarop kon onze Pool dan ook weer zijn opwachting maken bij de volgende technische dag in Baarn alwaar hij zonder problemen en vrolijk pruttelend naar toe reed. Was hij de eerste keer zoals gezegd erg nerveus en wilde hij onder geen beding mee naar een dergelijke bijeenkomst. Toen hij er éénmaal geweest was was hij helemaal om en had hij dan ook absoluut geen zin meer om er nog ooit weg te gaan. Voor de techneuten onder u: "de startmotor leek overleden en niet meer tot enige arbeid aan te sporen". Dankzij echter de inzet van de zeer gewaardeerde vrijwilligers die ons naar hartelust het terrein af wilden duwen begreep onze Pool dat er een tijd van komen is en een tijd van gaan en dat die tijd van gaan toen dus was gekomen. Dit ter grote vreugde van de duwers en ook onszelf aangezien wij anders halverwege bij de Mc Donalds hadden moeten stoppen om voor de hele duwende gemeente Big Mac’s in te slaan. Het gepruttel had dus weer een aanvang genomen zodat wij ons richting huis begaven. Onderweg moest er echter noodzakelijkerwijs nog getankt worden. Op zich weinig spectaculair doch het feit dat het contactsleuteltje niet omgedraaid mocht worden omdat we anders weer niet zouden kunnen starten (ook de slinger was nog niet bruikbaar maar we vertellen u natuurlijk niet alles) gecombineerd met het feit dat wij een tankdop hebben die alleen met een sleuteltje geopend kan worden maakte deze tankbeurt toch op z’n minst tot een bijzondere ervaring. Thuis aangekomen werd uiteraard de startmotor gedemonteerd en aan een inspectie onderworpen waarbij bleek dat één van de koolborstels uit z’n huis was losgeslagen, even had rondgekeken en zich op een nieuwe locatie spontaan had vast gelast. Niet gebruikelijk maar toch leuk.

 

 

Na de nodige kilometers rustig aan rijden met het nieuwe brommertje mocht deze wat verder rijden en gingen we op training naar Orvelte alwaar wij slechts een klein huisje hadden gehuurd en onze Poolse vriend derhalve voor het eerst tijdens onze vriendschap helaas buiten moest slapen. De eerste nacht vroor het flink zodat hij de volgende morgen z’n deurtjes stijf dicht hield om het laatste beetje warmte toch maar binnen te houden doch met een niet te warme douche was het ijs al snel gebroken en ontdooide de kille stemming zodat we gezamenlijk richting trainingscentrum konden. De volgende nacht echter vroor het niet maar regende het laten we zeggen "een fris buitje". Toen ondergetekende dan ook de volgende morgen onze vriend gedag wenste stond deze niet zozeer met z’n bek vol tanden als wel met z’n bak vol water. Dat lekkage lastig zoeken is als het niet meer regent zal u duidelijk zijn doch diverse soortgelijke ervaringen hebben ons geleerd dat niet alleen het voorruitrubber niet origineel maar wel lek is en dat professor Polski het tevens onnodig bleek te hebben gevonden om pakkingen tussen de motorkapscharnieren, ruitenwisser-assen en dergelijke te monteren zodat tijdens een fikse regenbui weliswaar het meeste water buiten bleef doch een paar gezellige blauw met gele laarsjes tot de standaard uitrusting gerekend moesten worden alsmede een fikse droogbeurt voor onze Pool na thuiskomst.

 

Over regen gesproken. Bij de eerste regenbui bleken de ruitenwissers weliswaar te werken doch niet erg verhelderend te zijn zodat wij ook dat punt op ons to-do lijstje zetten. Enkele vochtige perioden later echter bleek ook de ruitenwissermotor het echter al voor gezien te houden en nog slechts zijn kunstje te vertonen op momenten dat het hem uit kwam hetgeen regelmatig niet overeenstemde met onze agenda. Ook die dus maar weer eens open gemaakt om te kijken hoe de wereld er in een ruitenwissermotortje uitziet waarbij bleek dat ook hier de koolborstels al weer een poosje uit de garantie waren. Ondertussen hadden we van een clubgenoot een reservemotor gekocht met daarop de tekst "OK". Toen we deze dan ook in wilden bouwen realiseerden we ons waar deze tekst ook alweer voor stond: "Ook Kapot" zodat die helaas niet veel toe kon voegen aan het droogwrijven van het voorruitje. Maar vooruit maar. Ook dat is weer verholpen en de ruit is weer keurig droog als het niet regent.

Die ruitenwissers zijn trouwens niet alleen handig voor als het regent, maar ook als het een beetje modderig is op de weg zodat je dan even kunt sproeien en met de wissertjes de troep een beetje aan de kant kunt vegen. Tenminste als het sproeiertje zijn water aan de buitenzijde op de ruit deponeert in plaats van achter het dashboard en op je schoenen zoals bij ons het geval was. Waarschijnlijk hebben ze in Polen geen modderige wegen. Of toch? Als we namelijk op enig moment de deur opendoen komt er spontaan water naar buiten door de gaatjes aan de zijkant van de deur en blijkt Polski voor het gemak maar geen afwateringsgaatjes meer in de deur aangebracht te hebben. Daar kan tenslotte alleen maar modder en andere narigheid in komen. Gevolg was dus dat onze deur compleet vol geregend was en het water dus geen kant uit kon tot het over de rand stroomde. Weer een puntje voor de to-do lijst dus.

 

Dat we langzamerhand toch iets minder enthousiast geworden waren over de kwaliteiten van onze nieuwe aanschaf zal u wellicht op dit punt niet bevreemden. Eén van de Morris oudgedienden tijdens de technische dagen adviseerde ons dan ook om het autootje dwars op de brug te zetten bij de familie de Jong in Boskoop tot we de betaalde centjes en gemaakte onkosten terug zouden hebben gekregen. Op zich wellicht geen gek idee maar ja het is zo’n verrekte smal bruggetje daar! En trouwens op dit punt hadden we al zoveel gedaan dat we dachten alles wel zo een beetje gehad te hebben.....

 

Ja, inderdaad wel erg leerzaam die technische dagen. Zeker als je eigen autootje onder de loep genomen wordt door de specialisten en andere oudgedienden. Conclusie was dan ook van het minutieus onderzoek dat ons vriendje niet alleen nog meer rubbertjes en boutjes mistte maar dat ook de fusees van een dermate originaliteit waren dat de doorsnee aanwezigen zich afvroegen of wij de volgende technische dag nog wel zouden halen of dat wij ergens voortijdig door onze Poolse voorpoten gezakt langs de kant van de weg zouden komen stil te staan. Onderweg naar huis en in afwachting van originele, betrouwbare fusees had ook vriendje Polski blijkbaar de schrik in de wielen gekregen van alle geconstateerde narigheid. Zodra wij dan ook het rempedaal nog maar aanraakten wist hij van gekkigheid niet waar hij het moest zoeken. De ene keer scherp naar links; de andere keer zwak naar rechts en soms leek het hem toch maar beter om helemaal niet te remmen dan kon er zeker niets verkeerd gaan. Wij hebben weliswaar best enig gevoel voor humor zegt men doch om deze grappenmakerij konden we slechts een weinig glimlachen. Conclusie was dan ook dat niet alleen de fusees maar ook de voorremmen compleet mochten worden vernieuwd inclusief de trommels die hun beste tijd reeds lang geleden in de doos bleken te hebben doorgebracht. Tijdens het monteren daarvan dachten wij nog: "Nou, we hebben nu zo een beetje alle techniek onder handen genomen dus dat moet toch zo ongeveer voor elkaar zijn. In ieder geval fijn dat de carrosserie keurig is want als die ook nog eens problemen zou geven zou het toch wel érg vervelend geworden zijn." 

 

Nog geen twee weken later zien we dat het eerste gat in de carrosserie is gevallen wat veroorzaakt blijkt te zijn doordat de zaak van binnenuit totaal is doorgerot en met wat plamuur en andere narigheid is volgepropt alvorens het karretje is gespoten. Op zoek naar andere plekken vinden we nog drie plaatsen waar we zonder raampjes naar binnen kunnen kijken...

Als we de ergste gaten hebben gedicht en we inmiddels zo’n 3000 kilometer geprutteld hebben met het nieuwe ruilmotortje blijkt ook deze geluidjes te willen maken die we niet terug kunnen vinden in het instructieboekje en waarvan we ook niet precies aan kunnen geven wat de oorzaak is. Hiermee wordt de hoeveelheid narigheid wel een beetje erg gortig zodat we contact opnemen met Boskoop om te kijken wat we hier mee gaan doen. Gemeld probleem wordt aldaar zeer voortvarend opgepakt waarbij de hele familie wordt ingezet om het probleem te lokaliseren en als dat niet zomaar lukt toch in ieder geval zo goed mogelijk op te lossen. Een toch zeer prettige pleister op deze Poolse wonde waarbij we ook op een zeer plezierige manier kennis mogen maken met de andere indrukwekkende leden van de familie. Op het moment dat we dit artikeltje schrijven hebben we inmiddels alweer de eerste 1000 kilometer zonder problemen afgelegd met het tweede ruilmotortje in de hoop dat we nu langzamerhand alle problemen wel gehad hebben. Zojuist bleek ook de claxon het begeven te hebben; die hadden we nog niet gehad...